De buurtinformatienetwerken staken in het begin van de jaren ’90 de kop op en staan sinds 1998 en 2001 beschreven in ministeriële rondzendbrieven.
België telt intussen 407 BIN’s waarvan er 71 BIN-zelfstandigen zijn. In 2004 waren er nog maar 14 BIN’s met zelfstandigen als leden.
Samenwerken
Een buurtinformatienetwerk is een gestructureerd samenwerkingsverband tussen burgers en lokale politie. Burgers melden aan de Lokale politie informatie bijvoorbeeld over een persoon die aanbelde en zich uitgaf voor iemand van de watermaatschappij, maar dat duidelijk niet was. De politie evalueert de inlichtingen en brengt, indien nodig, alle BIN-leden op de hoogte.
Ander voorbeeld: als een juwelier lange tijd een groene wagen voor zijn zaak heeft zien staan, wordt die informatie doorgegeven naar de Lokale politie die de inlichtingen eventueel doorstuurt naar het AIK en/of de Federale politie .
Na evaluatie worden de leden van het lokale BIN, maar eventueel ook van alle BIN’s-zelfstandigen, ingelicht omdat het best mogelijk is dat de verdachte met de groene wagen ook in een andere streek wil toeslaan.
Veiligheidsgevoelen
Een BIN heeft volgende doelstellingen:
· bijdragen tot het verhogen van het algemeen veiligheidsgevoelen;
· het bevorderen van de sociale controle;
· het verspreiden van de preventiegedachte.
Om deze doelstellingen te bereiken, wisselen de BIN-medewerkers en de politie informatie uit volgens een procedure die op voorhand is afgesproken. Daarnaast worden ook preventietips verspreid.
Preventietips kan u ook vinden op www.besafe.be, de site van de Algemene Directie Veiligheid en Preventie van de FOD Binnenlandse Zaken.